Rb. Den Haag 27 september 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:15871
Vrijspraak in voorraad hebben vals geld. Veroordeling voor opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod (feit 1); telkens: handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd (feiten 2 en 6); handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie (feit 3); overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (feit 5); handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, meermalen gepleegd (feit 7). Partiële ontslag van alle rechtsvervolging (feit 2). Art. 17a, eerste lid, van de Regeling wapens en munitie. Bezit airsoftwapens was in dit geval niet strafbaar. Oplegging van voorwaardelijke gevangenisstraf en onvoorwaardelijke taakstraf met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht.
De uitspraak op rechtspraak.nl