Rb. Den Haag 25 juli 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:11733
De werkgever heeft op het punt van de inschaling niet gehandeld in strijd met de norm van goed werkgeverschap. De uiteindelijk geformaliseerde functiedifferentiatie maakt dat niet anders omdat de kwalificatie ‘post-master’ niet doorslaggevend is voor deze functiedifferentiatie. Als door het trage verloop van het proces van functiedifferentiatie al sprake zou zijn van slecht werkgeverschap, dan is dit met de geboden compensatie voldoende hersteld. De kantonrechter acht het redelijk dat de werkgever buiten kantooruren bereikbaarheids- en beschikbaarheidsdiensten instelt voor het afgeven van instemmingsverklaringen door eisers. De toepasselijke cao voorziet in een vergoedingsregeling voor deze diensten, en de kantonrechter ziet geen reden om hiervan af te wijken.
De uitspraak op rechtspraak.nl