Rb. Den Haag 3 maart 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:2685
Kort geding. Inkoopprocedure. Een aanbieder van wijkverpleging vordert dat een groep zorgverzekeraars haar een reëel tarief vergoedt voor de gecontracteerde zorg in 2023, dat hoger ligt dan het thans aangeboden tarief. In dit specifieke geval brengen de maatstaven van redelijkheid en billijkheid naar het oordeel van de voorzieningenrechter mee dat de zorgverzekeraars bij hun handelen een bijzondere zorgvuldigheid in acht dienen te nemen jegens deze zorgaanbieder. Dat brengt mee dat zij haar een reëel tarief moeten bieden. Dat brengt echter niet mee dat zij gehouden zijn om voor de bepaling van de hoogte van het tarief aan te sluiten bij de kostenopgave van deze zorgaanbieder. De zorgverzekeraar mag een systeem hanteren waarbij het tarief voor 2022 het uitgangspunt is en waarop indexaties worden toegepast. De voorzieningenrechter oordeelt dat de zorgverzekeraars op één onderdeel van de toegepaste indexering hun bijzondere zorgplicht jegens de zorgaanbieder hebben geschonden, maar dat voor het overige een dergelijke schending niet aannemelijk is geworden.
De uitspraak op rechtspraak.nl