Rb. Den Haag 28 november 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:18352
Intrekking asielvergunning (on)bepaalde tijd in verband met een ernstig misdrijf. De rechtbank oordeelt dat eiser de verleningsgrond van de verleende asielvergunning in deze procedure niet langer aan de orde kan stellen. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd dat eiser door zijn persoonlijk gedrag een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving aantast. Verweerder mag in dit geval de asielvergunning intrekken indien daarbij artikel 45 van de Vw 2000 buiten toepassing wordt gelaten, voor zover daarin is bepaald dat het besluit tevens geldt als een terugkeerbesluit. Nu verweerder er in het bestreden besluit nog vanuit ging dat de intrekking ook als een terugkeerbesluit had te gelden, moet het bestreden besluit in zoverre worden vernietigd. Het bestreden besluit moet daarom ook worden vernietigd voor zover daarin een inreisverbod is opgelegd. De rechtbank volgt eiser tot slot niet in zijn betoog dat de intrekking in strijd is met artikel 8 van het EVRM of dat verweerder op grond daarvan ambtshalve een reguliere vergunning had moeten verlenen. Dit alleen al omdat eiser nu geen vertrekplicht meer heeft. Het beroep is gegrond en het bestreden besluit wordt vernietigd voor zover daarin een terugkeerbesluit is uitgevaardigd en een inreisverbod is opgelegd. Het bestreden besluit blijft in stand voor zover daarbij eisers asielvergunning is ingetrokken.
De uitspraak op rechtspraak.nl