Rb. Den Haag 4 april 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:3321

Studiefinanciering. Eiser woont in België en doet een beroepsopleiding in Nederland. Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een extra reiskostenvergoeding, welke aanvraag is afgewezen. De rechtbank oordeelt dat de aanvraag terecht is afgewezen. Verweerder heeft terecht geconcludeerd dat eiser niet voldoet aan de voorwaarde dat hij zijn onderwijsinstelling tenminste twaalf dagen per maand niet tijdig kan bereiken of na een onderwijsdag niet meer thuis kan komen met het openbaar vervoer. Uit de door eiser overgelegde reistijden blijkt dat eiser zowel ’s ochtends zijn onderwijsinstelling tijdig kan bereiken als ’s avonds thuis kan komen. Met de omstandigheden dat eiser lang over zijn reis doet en dat eiser ook een stuk moet lopen, wordt op grond van de Beleidsregel geen rekening gehouden. Verder valt niet in te zien dat eiser, dan wel zijn ouders worden belemmerd om zich te vestigen in een andere lidstaat van de EU door het enkele feit dat eiser geen extra reiskostenvergoeding krijgt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen