Rb. Den Haag 17 oktober 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:11476

Intrekking mvv en afwijzing aanvraag kennismigrant. De erkende referent heeft namens eiseres een verblijfsvergunning als kennismigrant aangevraagd. De staatssecretaris heeft deze aanvraag middels twee kennisgevingen ingewilligd en de Nederlandse vertegenwoordiging in Guangzhou gemachtigde om onder voorwaarden de mvv af te geven. Bij de Nederlandse vertegenwoordiging zijn echter twijfels ontstaan die er toe hebben geleid dat de staatssecretaris na een heroverweging de mvv heeft ingetrokken en de aanvraag alsnog heeft afgewezen. De rechtbank is van oordeel dat deze procedure correct is verlopen en dat de staatssecretaris heeft voldaan aan de op hem rustende bewijslast. De staatssecretaris heeft voldoende gemotiveerd dat op grond van naderhand gebleken feiten en omstandigheden is komen vast te staan dat verlening van de mvv aan eiseres onjuist was. Er zijn namelijk serieuze twijfels ontstaan aan het arbeidsverleden van eiseres. Omdat eiseres deze twijfels niet heeft kunnen wegnemen heeft de staatssecretaris de mvv-aanvraag vervolgens ook terecht afgewezen. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken