Rb. Den Haag 21 september 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:10688
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich terecht op het standpunt gesteld nog steeds kan worden uitgegaan van het interstatelijke vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije. Verder is de rechtbank van oordeel dat eisers beroep op de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats ’s Hertogenbosch van 15 juli 2021 in het geval van eiser niet kan slagen. Dit omdat die zaak een ander geval betrof. Daarin had de vreemdeling verklaard en aangetoond dat hij tot aan de hoogste Bulgaarse rechter had geprocedeerd en was duidelijk op welke grond de Bulgaarse rechter de asielaanvraag van de vreemdeling had afgewezen. In Nederland had de vreemdeling op grond van zijn asielrelaas wel een vergunning gekregen. In het geval van eiser is niet gebleken dat van een dergelijk indirect refoulement hoeft te worden gevreesd. Het beroep is ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl