Rb. Den Haag 23 december 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:13367

Onrechtmatige overheidsdaad. Vraag of Gemeente in strijd met artikel 107 VWEU staatssteun heeft verleend. Constructie waarbij tussen Gemeente en wederpartij sprake is geweest van overeenkomst tot verkoop van een perceel grond (A) door de Gemeente aan de wederpartij en een zogenoemde ‘allonge’ waarin de Gemeente aan die wederpartij een naastgelegen perceel grond (B) in bruikleen heeft gegeven en is overeengekomen dat de Gemeente uiterlijk na vijf jaar het in bruikleen gegeven perceel voor een koopsom van € 1 zal aanbieden. Is marktconforme prijs voor het geheel voldaan? Rechtbank oordeelt dat sprake is van vermoeden van ongeoorloofde staatssteun. Dit vermoeden heeft wederpartij weerlegd. Geschil over (bewijs)maatstaf en toepasselijkheid MEO-beginsel in dit geval. Het door de wederpartij overgelegde rapport bevat voldoende aanknopingspunten voor de conclusie dat de grondtransactie marktconform was. Vorderingen van de Gemeente in conventie worden afgewezen, van wederpartij in reconventie toegewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken