Rb. Den Haag 20 augustus 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:8581
Aan de vreemdeling (geen gemeenschapsonderdaan) is het bevel gegeven tot onmiddellijke vertrek naar Italië omdat hij verdacht wordt van een misdrijf en daardoor een gevaar oplevert voor de openbare orde. Voor de vraag of als gevolg van deze verdenking inderdaad sprake is van een gevaar voor de openbare orde waardoor het rechtmatige verblijf van de vreemdeling in Nederland in de vrije termijn is beëindigd, hoeft niet de ‘zware’ Unierechtelijke uitleg van het criterium ‘gevaar voor de openbare orde’ te worden gevolgd. De verdenking van het plegen van een misdrijf is daarom in beginsel voldoende. Die verdenking moet echter wel voldoende worden gemotiveerd. Het enkele feit dat de vreemdeling als verdachte is aangehouden, is daarvoor onvoldoende.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 29 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1395
- Rb. Limburg 24 augustus 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:8047
- ABRvS 6 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1737
- ABRvS 7 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:390
- ABRvS 2 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2089
- ABRvS 12 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4095
- ABRvS 18 februari 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH3240
- ABRvS 1 december 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AS4589
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2014:1320
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2015:377
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2019:609