Rb. Den Haag 19 juni 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:6265

Gedaagde heeft een aantal panden verkocht aan eiseres. Een deel wordt gesplitst in appartementen. Gedaagde blijft eigenaar van een garage en is voor 1/10e lid van de VvE. In de daaropvolgende jaren ontstaat een langdurig geschil tussen eiseres en gedaagde over een door eiseres uitgevoerde verbouwing. Gedaagde vordert als lid van de VvE een bouwstop (o.a. vanwege strijd met de splitsingsakte) en vordert later in rechte vernietiging van VvE-besluiten tot wijziging van de splitsingsakte. In conventie ligt de vraag voor of gedaagde daarmee misbruik van recht heeft gemaakt. In reconventie wordt opheffing van de door eiseres gelegde beslagen gevorderd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen