Rb. Den Haag 23 april 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:4057

Eiser heeft ter zake van het houden van een bestelauto geen recht op toepassing van het lage tarief aan motorrijtuigenbelasting. Hij maakt niet aannemelijk dat hij voldoet aan de voorwaarden van artikel 24a van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994. Aan het feit dat bij eerder door eiser gehouden bestelauto’s wel het lage tarief is toegepast kan geen in rechte te beschermen vertrouwen worden ontleend, omdat die bestelauto’s reeds op naam waren gesteld op het moment dat een coulanceregeling van toepassing was. Daarbij heeft verweerder eiser expliciet geïnformeerd over de beëindiging van de coulanceregeling na die datum. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen