Rb. Den Haag 29 mei 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:6244
De voorzieningenrechter in Den Haag heeft vandaag bepaald dat eiser zich niet langer hoeft te melden bij de reclassering. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de Staat, gelet op de adviezen van het NIFP en de reclassering, in redelijkheid niet tot zijn beslissing tot handhaving van de meldplicht heeft kunnen komen. Onmiskenbaar heeft eiser een zeer ernstig feit gepleegd. Daarmee is rekening gehouden bij de aan hem opgelegde straf. Bij de beoordeling van de vraag of de meldplicht bij de reclassering moet worden gehandhaafd, speelt de ernst van het gepleegde feit geen rol meer. Daarvoor is van belang of deze bijzondere voorwaarde nog zinvol is met het oog op het terugbrengen van het recidiverisico. Dat is volgens het NIFP en de reclassering niet het geval. Dat betekent dat eiser niet langer kan worden verplicht zich periodiek bij de reclassering te melden. Voorwaarden Deze uitspraak betekent niet dat er voor eiser helemaal geen voorwaarden meer gelden. Voor hem gelden nog de voorwaarden dat hij gedurende de resterende periode van zijn voorwaardelijke invrijheidsstelling (tot 2020) geen strafbare feiten mag plegen, dat hij geen contact mag hebben met de media en dat hij de familie van Pim Fortuyn en/of Q niet mag benaderen.
De uitspraak op rechtspraak.nl