Rb. Den Haag 12 december 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:15162

Wraking in een BOPZ-zaak. Verzoek is niet-ontvankelijk. Nadat verzoekster ter zitting had gewraakt en de zitting was geschorst, heeft de rechter een beslissing genomen op het verzoek tot voortzetting van de machtiging inbewaringstelling. De wrakingskamer gaat er van uit dat de rechter van oordeel was dat de te nemen beslissing geen uitstel gedoogde. De rechter heeft het voorliggende verzoek in volle omvang toegewezen, waardoor de rechter thans geen behandelend rechter meer is. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om in die situatie een wrakingsverzoek toe te wijzen en verzoekster kan dan ook niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen