Rb. Den Haag 10 augustus 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:8986

Verweerder heeft aan eiseres ten behoeve van een werknemer loondispensatie ter hoogte van 58,40 % toegekend. Eiseres betoogt dat verweerder bij het bepalen van de loonwaarde ten onrechte de Dariuz-methodiek heeft toegepast, nu deze methodiek geen reëel beeld van de werkelijke arbeidsprestaties van de werknemer geeft en bovendien niet inzichtelijk is. De beroepsgronden van eiseres geven geen grond voor het oordeel dat verweerder voor het bepalen van de loonwaarde van een werknemer niet voor de Dariuz-methodiek heeft mogen kiezen. De rechtbank heeft verder aanleiding gezien om de arbeidsdeskundige ter zitting op te roepen om de procedure voor het bepalen van de hoogte van de loondispensatie met behulp van de Dariuz-methodiek nader toe te lichten. Naar het oordeel van de rechtbank is met de ter zitting gegeven toelichting voldoende inzichtelijk gemaakt op welke wijze het bepalen van de hoogte van de loondispensatie met behulp van de Dariuz-methodiek plaatsvindt en ook in dit geval heeft plaatsgevonden. Er bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat de arbeidsdeskundige de reële arbeidsprestatie van de werknemer en daarmee de hoogte van de loonwaarde op een onjuiste wijze heeft vastgesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen