Rb. Den Haag 18 november 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:14237
Trefwoorden: Hernieuwde aanvraag verblijfsvergunning asiel; IVP module gehoor- en beslismedewerkers IND; kennelijke ongegrondverklaring; eerder uitgevaardigd terugkeerbesluit; zelfstandig inreisverbod. Geen algemene verplichting voor verweerder om in individuele gevallen aan te tonen dat de betreffende gehoor- en beslismedewerker van de IND de module IVP (Interviewing Vulnarable Persons) heeft gevolgd. Er mag in zijn algemeenheid van worden uitgegaan dat verweerder gekwalificeerd personeel in dienst heeft. Er zijn geen aanwijzingen dat het verhoor niet op een zorgvuldige wijze heeft plaatsgevonden. In het besluit tot afwijzing heeft verweerder op grond van artikel 66a, eerste lid, onder b, van de Vw 2000 en onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, van 8 april 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:959), aan eiser een zelfstandig inreisverbod opgelegd waartegen volgens verweerder een separaat rechtsmiddel ingesteld dient te worden. De omstandigheid dat het eerder tegen eiser uitgevaardigde terugkeerbesluit met een vertrektermijn van vier weken nog steeds geldt, staat er naar het oordeel van de rechtbank niet aan in de weg dat verweerder met gebruikmaking van de hem bij artikel 62, tweede lid, van de Vw 2000 verleende bevoegdheid, de aan dit terugkeerbesluit verbonden vertrektermijn van vier weken kan verkorten en kan bepalen dat eiser Nederland onmiddellijk moet verlaten. Gezien de bij het beslissen op eisers hernieuwde asielaanvraag gehanteerde afwijzingsgrond (kennelijk ongegrondheid) ligt het in de rede dat verweerder zulks op artikel 62, tweede lid, onder b, van de Vw 2000 zou hebben gebaseerd, waarna het inreisverbod met toepassing van artikel 66a, eerste lid, onder a, van de Vw 2000 had moeten worden opgelegd. Anders dan verweerder in het onderhavige bestreden besluit heeft bepaald, zou eiser in die situatie in één en hetzelfde beroep kunnen opkomen tegen zowel de afwijzing van zijn hernieuwde asielaanvraag, als tegen de wijziging van de aan het eerdere terugkeerbesluit verbonden vertrektermijn, als tegen het uitgevaardigde inreisverbod. De rechtbank verklaart het beroep voor zover gericht tegen het separate inreisverbod gegrond, vernietigd het bestreden besluit in zoverre en laat de rechtsgevolgen in stand.
De uitspraak op rechtspraak.nl