Rb. Den Haag 12 oktober 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:12638

Op 22 juni 2016 heeft verweerder het Eurodac-systeem geraadpleegd. Uit de informatie uit dit systeem is gebleken dat aan eiseres in Griekenland op 14 oktober 2015 internationale bescherming is verleend. De rechtbank is van oordeel dat deze informatie als voldoende actueel kan worden beschouwd en bovendien voldoende duidelijk maakt wat de verblijfsrechtelijke situatie van eiseres bij terugkeer naar Griekenland zal zijn. Ten aanzien van de in Nederland geboren zoon van eiseres heeft verweerder niet voldaan aan de op hem rustende plicht om zich ervan te vergewissen of hij in Griekenland internationale bescherming geniet. Naar het oordeel van de rechtbank had het op de weg van verweerder gelegen om ofwel bij de Griekse autoriteiten te informeren naar de vraag of de zoon van eiseres in Griekenland enig verblijfsrecht krijgt en zo ja, welk, dan wel de stelling dat het aanvragen van een internationaal geboortebewijs maakt dat de zoon de verblijfsrechtelijke status van de moeder volgt, te onderbouwen (waarbij de rechtbank nog opmerkt dat de ene mogelijkheid de andere niet hoeft uit te sluiten). De rechtbank verklaart het beroep in zoverre dan ook gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken