Rb. Den Haag 17 juli 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:9406

De heer X en mevrouw R zijn niet gehuwd en hebben geen geregistreerd partnerschap. X heeft in 2003 een testament opgemaakt waarin, zonder achterlating van afstammelingen, R als enige erfgenaam is benoemd. In 2004 wordt eiser, de zoon van X en R geboren. Naar aanleiding daarvan is het testament niet aangepast. X overlijdt in 2013. Aan eiser wordt vervolgens een aanslag erfbelasting opgelegd naar een verkrijging ter grootte van de gehele nalatenschap (minus vrijstelling). Volgens eiser is de aanslag tot een te hoog bedrag vastgesteld omdat R recht zou hebben op de helft van de nalatenschap. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Nu X in de persoon van eiser een afstammeling heeft achtergelaten wordt voorbijgegaan aan het testament en heeft de erfopvolging plaats bij versterf. Uit de wettelijke regeling van artikel 4:10 van het Burgerlijk Wetboek volgt dat eiser als enig erfgenaam van X moet worden aangemerkt. De aanslag erfbelasting is terecht en tot een juist bedrag opgelegd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen