Rb. Den Haag 14 juli 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:8571

Ten onrechte 1F Vluchtelingenverdrag tegengeworpen aan Syrische beroepsmilitair Eiser was beroepsmilitair (rang van 1ste luitenant) in het Syrische leger. Hij is gedeserteerd, Syrië ontvlucht en heeft vervolgens in Nederland asiel gevraagd. Verweerder heeft artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag aan eiser tegengeworpen, gelet op eisers voormalige positie in het Syrische leger. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat sprake is van knowing participation. Verweerder heeft evenwel onvoldoende gemotiveerd dat eveneens sprake is van personal participation. Niet gebleken is dat eiser daadwerkelijk bevel en leiding over zijn ondergeschikten had toen zij vertrokken naar Damascus en toen zij zich in Damascus bevonden. Evenmin bestaat grond voor het oordeel dat onder eisers daadwerkelijk bevel en leiding door strijdkrachten misdrijven als bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag zijn gepleegd. Het bestreden besluit is daarom onvoldoende gemotiveerd, zodat het beroep gegrond wordt verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken