Rb. Den Haag 3 februari 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:2023

X is vóór 1 januari 1995 in dienst getreden van het Europees Octrooibureau (EOB). In juli 2003 is X arbeidsongeschikt geraakt. Hierna heeft X geen werkzaamheden meer voor het EOB verricht. Vanaf juli 2003 tot 1 januari 2008 ontving eiser een ‘invalidity pension’ (invaliditeitspensioen) van het EOB op grond van de toen geldende pensioenregeling voor invaliden van het EOB. Dit invaliditeitspensioen was niet onderworpen aan een belasting ten gunste van en geheven door de Europese Octrooi Organisatie (interne belastingheffing). Hierover werd in Nederland inkomstenbelasting geheven. Met ingang van 1 januari 2008 heeft het EOB zijn interne regelgeving aangepast. Vanaf die datum ontving X een ‘invalidity allowance’. Deze uitkering wordt onderworpen aan interne belastingheffing. In geschil is of verweerder de ‘invalidity allowance’ terecht aan Nederlandse inkomstenbelastingheffing heeft onderworpen. Rechtbank Den Haag oordeelt dat de ‘invalidity allowance’ niet aan Nederlandse inkomstenbelastingheffing kan worden onderworpen omdat deze onder artikel 16, eerste lid, van het Protocol on Privileges and Immunities valt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen