Rb. Den Haag 22 december 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:15519

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een vrijheidsbeperkende maatregel in de zin van artikel 56 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000). De rechtbank blijft bij haar eerder gegeven oordeel dat zij onbevoegd is om van het beroep kennis te nemen, omdat de Vw 2000 een dergelijk beroep niet kent. Eiser is van mening dat de rechtbank hierover prejudiciële vragen moet stellen aan het Hof van Justitie. De rechtbank ziet hiervoor geen aanleiding. Daartoe overweegt de rechtbank dat er geen grond bestaat voor het oordeel dat het verdedigingsbelang is geschonden. Eiser kan te allen tijde bij verweerder een verzoek indienen om opheffing van de maatregel. De rechtbank onderkent dat tegen haar uitspraak geen hoger beroep openstaat. Eiser kan, zo hij dat wil, de hogerberoepsinstantie vragen niettemin van het hoger beroep kennis te nemen (doorbreking van het appelverbod).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken