Rb. Den Haag 9 juli 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:8792
Omzetbelasting. Belastingfraude. Aftrek van binnen fiscale eenheid in rekening gebrachte omzetbelasting. Eiseres is een fiscale eenheid voor de omzetbelasting die bestaat uit X1 BV, X2 B.V. en X3 BV. X2 BV en X3 BV drijven een handel in personenauto’s. Gedurende de jaren 2006 tot en met 2008 zijn aan X2 BV 672 auto’s gefactureerd door H, waarbij € 4.654.373 omzetbelasting in rekening is gebracht. Binnen de fiscale eenheid zijn aan X3 BV 213 auto’s gefactureerd waarbij € 1.552.997 omzetbelasting is rekening is gebracht. Eiseres heeft beide bedragen als voorbelasting in aftrek gebracht en verweerder heeft deze bedragen, na een onderzoek van de FIOD, nageheven. In geschil is of dit terecht is. Aangaande de door H in rekening gebrachte belasting overweegt de rechtbank dat uit de stukken voldoende duidelijk blijkt dat H betrokken was bij btw-fraude en dat eiseres niet alles heeft gedaan wat redelijkerwijs binnen haar mogelijkheden lag om te zorgen dat zij door haar handelingen niet betrokken raakte bij belastingfraude. Eiseres heeft daarom geen recht op aftrek van de door H aan haar in rekening gebrachte omzetbelasting. Aangaande de binnen de fiscale eenheid aan X3 BV in rekening gebrachte belasting overweegt de rechtbank dat in beginsel geen recht op aftrek van voorbelasting bestaat, maar dat in dit geval het weigeren van het recht op vooraftrek verder gaat dan noodzakelijk is om het daarmee beoogde doel, het uitschakelen van ieder gevaar van verlies van belastinginkomsten, te bereiken. Eiser heeft de desbetreffende belasting namelijk ook als te betalen belasting aangegeven en verricht verder geen activiteiten waarvoor geen recht op vooraftrek bestaat. Het beroep is in zoverre gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl