Rb. Den Haag 9 oktober 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:16523

Eiser is in loondienst werkzaam bij de Amerikaanse Ambassade in Den Haag. Hij behoort tot het administratief personeel van de ambassade en zijn salaris wordt door de Amerikaanse overheid aan hem uitbetaald. De rechtbank oordeelt dat de uitdrukking “lid van een diplomatieke vertegenwoordiging” in artikel 33, tweede lid, van het belastingverdrag tussen Nederland en de Verenigde Staten ook het administratief, technisch en bedienend personeel omvat. Nu eiser onweersproken heeft gesteld dat hij in Amerika aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen is onderworpen als inwoners van die staat, wordt hij op grond van artikel 33, tweede lid, van het Verdrag geacht inwoner van de Verenigde Staten te zijn. Artikel 20, eerste lid, onderdeel b van het belastingverdrag mist derhalve toepassing en dus is het loon van eiser op grond van het eerste lid, onderdeel a, van die bepaling slechts belastbaar in de Verenigde Staten. Dit betekent dat eiser recht heeft op een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting over het inkomen dat hij heeft genoten met zijn werkzaamheden voor de Amerikaanse ambassade.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen