Rb. Breda 23 maart 2011, ECLI:NL:RBBRE:2011:BP9634

"terugbetaling studiekosten, uitleg overeenkomst, glijdende schaal verweer, Het vorenstaande brengt mee dat de werkgever op de voet van artikel 5 en 6 van de overeenkomst in beginsel gerechtigd is de betaalde studiekosten van de werknemer terug te vorderen. Dit is slechts anders indien de redelijkheid en billijkheid (6:248 BW) en het goed werkgeverschap (7:611 BW) aan een integrale terugvordering van de studiekosten in de weg staan. Daarvan is eerst sprake indien toepassing van genoemde artikelen uit de overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Genoemde formulering brengt tot uitdrukking dat de rechter hierbij de nodige terughoudendheid zal moeten betrachten. De verwijzing door werknemer naar het ontbreken van een "glijdende schaal" treft doel voor zover hij hiermee bedoeld dat aan integrale terugbetaling van de studiekosten in de weg kan staan dat werkgever tijdens het dienstverband geacht wordt baat te hebben gehad van de door de werknemer tijdens diens studie werkzaamheden voor kennis en vaardigheden."

De uitspraak op rechtspraak.nl