Rb. Breda 6 februari 2009, ECLI:NL:RBBRE:2009:BI0064
Belanghebbende werkte in het onderhavige jaar in Nederland bij een Nederlandse werkgever op basis van een nationaal arbeidscontract. Belanghebbende is afkomstig uit het buitenland en zette zijn buitenlandse pensioenregeling hier voort. De pensioenregeling van belanghebbende bevat geen verbod op afkoop, vervreemding of prijsgeven, zoals bedoeld in artikel 18, eerste lid, letter b, van de Wet LB, zodat de pensioenregeling naar het oordeel van de rechtbank niet kan worden aangemerkt als een pensioenregeling in de zin van hoofdstuk IIB van de Wet LB en de aanspraak belastbaar is. De rechtbank oordeelt dat dit niet in strijd is met het in artikel 39, eerste lid, van het EG-Verdrag vervatte recht op vrij verkeer van werknemers en het daaraan in artikel 39, tweede lid, verbonden discriminatieverbod, nu zowel voor Nederlandse werknemers als voor uit het buitenland afkomstige werknemers, zoals belanghebbende, dezelfde voorwaarden gelden voor de belastingheffing van pensioenpremies.
De uitspraak op rechtspraak.nl