Rb. Breda 3 april 2009, ECLI:NL:RBBRE:2009:BH9853
Rookverbod Tabakswet: het rookverbod voor horeca-inrichtingen, geëxploiteerd door een ondernemer zonder personeel, vindt een wettelijke grondslag in artikel 11a, vierde lid, van de Tabakswet en, met de verwijzing in die bepaling naar artikel 10, eerste lid, van de Tabakswet, in artikel 10, tweede lid, dat op het eerste lid voortbouwt. Met betrekking tot het beroep op het gelijkheidsbeginsel concludeert de rechtbank dat horeca-inrichtingen met en zonder personeel niet op gelijke wijze worden behandeld ter zake van het te volgen rookbeleid in hun inrichting. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt. Dit brengt mee dat de rechtbank artikel 3 Besluit Uitvoering, voor zover daarin een rookverbod is vervat, buiten toepassing zal laten. Dit betekent dat verdachte niet verplicht was in zijn café een rookverbod in te stellen en te handhaven, onder meer door rokende personen aan te spreken. Volgt vrijspraak.
De uitspraak op rechtspraak.nl