Rb. Assen 15 juni 2012, ECLI:NL:RBASS:2012:BW9876
Op de voet van art. 369 lid 2 Sv, in samenhang met art. 328 Sv dat in art. 367 Sv van overeenkomstige toepassing wordt verklaard op het rechtsgeding voor de politierechter, is de officier van justitie bevoegd te vorderen dat de strafzaak door de meervoudige kamer van de rechtbank zal worden behandeld. Daargelaten de relatieve ouderdom van de onderhavige strafzaak en daargelaten het feit dat het OM deze zaak al eerder dan wel direct had kunnen aanbrengen ter behandeling van de meervoudige kamer, zal de politierechter de vordering toewijzen en de strafzaak verwijzen naar de meervoudige kamer. Een beslissing om de vordering van de officier van justitie af te wijzen zou de vrijheid van het OM om te requireren aan banden leggen, hetgeen de verhouding tussen het OM en de rechter zou miskennen.
De uitspraak op rechtspraak.nl