Rb. Assen 5 maart 2010, ECLI:NL:RBASS:2010:BL6607
Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter geven het thans bestreden besluit en de onderliggende stukken een voldoende onderbouwing voor de ruimtelijke inpasbaarheid van de onderhavige vrijstelling, de relatie met het vigerende bestemmingsplan en met de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het betrokken gebied. De voorlopige conclusie is dat verweerder in redelijkheid tot het verlenen van vrijstelling en vervolgens de bouwvergunning heeft kunnen besluiten.
De uitspraak op rechtspraak.nl