Rb. Assen 4 juni 2009, ECLI:NL:RBASS:2009:BI7771

Onder verwijzing naar de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 4 februari 2009 (LJN: BH1896) overweegt de rechtbank dat de verzekeringsarts zich een oordeel dient te vormen over de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid waarbij hij een inschatting dient te maken van de herstelkansen, in de zin van een verbetering van de functionele mogelijkheden van de betrokken verzekerde. Hierbij is van belang dat deze inschatting van de kans op herstel in het eerste jaar en daarna, dient te berusten op een concrete en deugdelijke afweging van de feiten en omstandigheden die bij de betreffende individuele verzekerde aan de orde zijn. In het geval de inschatting van de kans op herstel berust op een (ingezette) medische behandeling, is een onderbouwing vereist die ziet op het mogelijke resultaat daarvan voor de individuele verzekerde. In onderhavig geval berust het bestreden besluit op een ondeugdelijke medische grondslag.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen