Rb. Assen 11 december 2008, ECLI:NL:RBASS:2008:BG7057
De vermindering van subsidie voor de uitvoering van de Wsw is gebaseerd op het feit dat voor een aantal door eiser te werk gestelde personen de geldigheidsduur van de indicatiebeschikking is verstreken zonder dat tijdig in herindicatie is voorzien. Dit handelen in strijd met de regels is met name gelegen in het niet nakomen van de artikelen 2, 7 en 11 van de Wsw. Uit de jurisprudentie blijkt dat de uitwerking die aan artikel 4, eerste lid, van het Besluit vaststelling subsidie is gegeven niet de in artikel 9, derde lid, van de Wsw gestelde grenzen te buiten gaat. Voorts is de rechtbank van oordeel dat verweerder voor wat betreft de geldigheidsduur van de indicatienesluiten een verlengingsbesluit had moeten nemen. Er is sprake van strijd met het evenredigheidsbeginsel.
De uitspraak op rechtspraak.nl