Rb. Assen 8 maart 2006, ECLI:NL:RBASS:2006:AV4178
Onenigheid tussen ex-echtgenote, wettelijk vertegenwoordigster van de minderjarige kinderen/enig erfgenamen en nieuwe vriendin over asbestemming van een man, die zelfmoord heeft gepleegd. De vriendin heeft de lijkbezorging geregeld. De vriendin heeft ondanks de haar bekende wensen van de wettelijk vertegenwoordigster en ondanks de tussen de raadsvrouwen van partijen gemaakte afspraken de asbus doen bijzetten op begraafplaats van haar woonplaats M. Zij stelt dat zij zich wat betreft de locatie heeft laten leiden door de uitdrukkelijke wens van de overledene. De kinderen waren niet uitgenodigd bij de bijzetting. De vriendin heeft de rechten op de bijzetplaats. De ex-echtgenote wilde en wil nog steeds de asbus doen bijzetten op de begraafplaats van de woonplaats C van de kinderen, waar de overledene ook het grootste gedeelte van zijn leven heeft doorgebracht, in het belang van de kinderen (rouwverwerking). Beoordeling: Doorslaggevend is de wens of de vermoedelijke wens van de overledene. De wens of vermoedelijke wens van de overledene staat niet vast. De voorzieningenrechter sluit vanwege aangenomen psychische instabiliteit van overledene niet uit dat deze wisselende signalen heeft afgegeven. Naar redelijkheid en met afweging van de gevoelens en belangen van de nabestaanden, moet over de bestemming van de as worden beslist. De Wet op de lijkbezorging kent geen definitie van nabestaanden. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat als nabestaanden moeten worden aangemerkt de levensgezel, kinderen en overige bloed- en aanverwanten van de overledene en dat de levensgezel in beginsel de meest gerede persoon is om over de asbestemming te beslissen. Vanwege de zeer korte duur van de samenleving (ca vier weken voorafgaande aan zelfmoord overledene, waarvan een aantal dagen doorgebracht in een psychiatrisch ziekenhuis), feit dat overledene zich nog niet uit zijn woonplaats had laten uitschrijven en psychische instabiliteit overledene is de vriendin niet als levensgezel-nabestaande aangemerkt. De vriendin was derhalve niet bevoegd om over bestemming asbus te beslissen. De kinderen zijn in dit geval de naaste bloedverwanten en enige erfgenamen. Temeer omdat de rekening van de lijkbezorging aan de kinderen is gepresenteerd, is de ex-echtgenote in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigster van de kinderen aan te merken als beslissingsbevoegde. Haar keuze om de asbus bij te zetten in Coevorden in het belang van de kinderen is niet onredelijk. Volgt toewijzing van haar vordering dat de vriendin medewerking moet verlenen.
De uitspraak op rechtspraak.nl