Rb. Arnhem 8 mei 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BW5127

Weigering toekenning arbeidsondersteuning op grond van hoofdstuk 2 van de Wet Wajong. De rechtbank is van oordeel dat verweerder, onder verwijzing naar de WAO-beoordeling en de intrekking van de WAO-uitkering in 2005, zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat eiseres op dat moment in staat moest worden geacht om meer dan 75% van het voor haar geldende maatmaninkomen ingevolge de Wet Wajong te verdienen en dat hierdoor niet wordt voldaan aan de in artikel 2:15, eerste lid, onder a van de Wet Wajong genoemde voorwaarde dat eiseres niet in staat is gebleven meer dan 75% van het maatmaninkomen te verdienen. De beoordeling van de arbeidsongeschiktheid in het kader van de WAO is immers geen andere dan die ter bepaling van de mate van arbeidsongeschiktheid in het kader van de Wet Wajong. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen