Rb. Arnhem 22 maart 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BP9399
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht met betrekking tot de mede-eigendom van garageboxen en de ontvangst van huurpenningen periode 24 augustus 2001 tot 1 december 2009. Het college kent eiseres met ingang van 1 december 2009 opnieuw bijstand toe. Op grond van het bepaalde in artikel 48, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wwb verleent het college deze bijstand in de vorm van leenbijstand in plaats van om niet. Anders dan het college is de rechtbank van oordeel dat redelijkerwijs niet kan worden aangenomen dat eiseres, gelet op de inhoud van het taxatierapport, na de verkoop van haar deel van de eigendom van de garageboxen en na aflossing van (een deel van) de nog openstaande schuld bij het college, over voldoende bestaansmiddelen zou beschikken. Voorgaande betekent dat het college in redelijkheid geen gebruik had kunnen maken van zijn bevoegdheid ingevolge artikel 48, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wwb tot het verlenen van bijstand in de vorm van een geldlening. Gesteld noch gebleken is dat in het onderhavige geval één van de overige gevallen, als genoemd in het tweede lid van artikel 48 van de Wwb, van toepassing zijn, zodat het college gehouden was eiseres met ingang van 1 december 2009 bijstand om niet te verlenen. De rechtbank voorziet in dit verband zelf in de zaak.
De uitspraak op rechtspraak.nl