Rb. Arnhem 11 maart 2009, ECLI:NL:RBARN:2009:BI5019
X verblijft in een psychiatrisch ziekenhuis krachtens een voorlopige machtiging. Hij heeft een klacht ingediend bij de Klachtencommissie wegens toepassing van maatregelen en middelen (afzondering in Special Care Unit) en wegens beperking van zijn bewegingsvrijheid. De Klachtencommissie heeft de klachten ongegrond verklaard. X heeft de rechtbank verzocht zijn klachten alsnog gegrond te verklaren en hem een schadevergoeding toe te kennen. Voorts heeft hij bezwaren aangevoerd tegen de procedure bij de Klachtencommissie. Bij tussenbeschikking is X in de gelegenheid gesteld nog te reageren op nagekomen stukken. In verband daarmee is de beslistermijn van artikel 41a lid 9 Wet Bopz door de rechtbank verlengd. Bij eindbeschikking verklaart de rechtbank de klacht met betrekking tot de beperking van de bewegingsvrijheid gegrond en kent in verband daarmee aan X een schadevergoeding toe van € 200,-
De uitspraak op rechtspraak.nl