Rb. Arnhem 23 januari 2008, ECLI:NL:RBARN:2008:BC2466

Bewezenverklaard is – onder meer – moord, door een man met een mes (met kracht) in hals, borst, rug en andere lichaamsdelen te steken en te snijden. Het verweer dat de verklaringen van verdachte niet kunnen worden gebruikt voor het bewijs, omdat de schriftelijke weergave onvoldoende spoort met de audio-visuele opnamen, is verworpen. Verworpen zijn tevens de verweren dat er geen sprake was van voorbedachte raad en dat er gestoken/gesneden is uit noodweer of noodweerexces. Het slachtoffer was ingegaan op een advertentie op internet voor een SM-spel in de woning van de verdachte. Vastgesteld is, dat het slachtoffer gedurende het toebrengen van het letsel beperkt was in zijn bewegingsvrijheid, doordat één arm, in het kader van het spel, achter zijn rug was vastgemaakt met een handboei. De rechtbank heeft de bevindingen van de gedragsdeskundigen (verdachte is verminderd toerekeningsvatbaar en zou moeten worden behandeld in het kader van TBS met bevel tot verpleging) overgenomen. Naast de maatregel van TBS legt de rechtbank 10 jaar gevangenisstraf op (de officier van justitie had geconcludeerd tot sterk verminderd toerekeningsvatbaar en had 9 jaar geëist en TBS met verpleging).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen