Rb. Arnhem 1 maart 2004, ECLI:NL:RBARN:2004:AO4591

Slapende mariniers in Irak: De militaire rechtbank is het volgende van oordeel: Tijd van oorlog zoals primair en subsidiair tenlastegelegd acht de militaire kamer niet bewezen; Wel is de militaire kamer van oordeel dat het meer subsidiair tenlastegelegde opzettelijk slapen tijdens wachtdienst waardoor schade voor de veiligheid is geweest. De militaire kamer acht voorwaardelijke opzet aanwezig; Beroep op overmacht wordt verworpen; Strafmotivering waarbij aan de ene kant strafverzwarende omstandigheden worden meegenomen en aan de andere kant rekening wordt gehouden met de zware omstandigheden waaronder verdachte, zeker in de eerste fase van de operatie, zijn werk moest doen; Opgelegd wordt 2 weken militaire detentie voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en 60 uur werkstraf subsidiair 30 dagen hechtenis onvoorwaardelijk.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen