Rb. Amsterdam 1 april 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:4097
Klant van de bank vordert betaling van € 1.182.765, vermeerderd met rente en kosten. Het zou om een niet toegestane betalingstransactie gaan in de zin van artikel 7:527 BW. Door fraude is de betaalopdracht verstrekt om aan een Nederlands notariskantoor over te maken met een IBAN rekeningnummer bij een bank in Portugal (van de fraudeur). Bank zou ook haar zorgplicht hebben geschonden. Verder vordert de klant inzage op grond van artikel 843a Rv (oud). Alle vorderingen worden afgewezen. De fraude is niet bij de bank maar bij de klant gepleegd en de bank heeft niet onzorgvuldig gehandeld. De inzage vordering, voor zover nog van belang, is onvoldoende onderbouwd.
De uitspraak op rechtspraak.nl