Rb. Amsterdam 9 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7872
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. Zij heeft als bestuurder van een rechtspersoon die failliet is verklaard opzettelijk geweigerd de vereiste inlichtingen te geven en de verplichte administratie aan de curator te geven. Daarnaast heeft zij als bestuurder van een rechtspersoon gelden aan de boedel onttrokken. Forse overschrijding redelijke termijn. Aan verdachte is opgelegd een taakstraf van 120 uren. Daarnaast een gevangenisstraf van twee maanden geheel voorwaardelijk. Verder zijn als bijkomende straffen opgelegd: ontzetting van het recht tot uitoefening van het beroep van bestuurder van een rechtspersoon voor de duur van 5 (vijf) jaren en openbaarmaking van dit vonnis door toezending ervan aan de Kamer van Koophandel ten behoeve van de effectuering van voornoemde ontzetting.
De uitspraak op rechtspraak.nl