Rb. Amsterdam 24 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:6793

De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak de verzoeken toe, omdat de belangen van Prothya tot het treffen van voorlopige voorzieningen naar het oordeel van de voorzieningenrechter zwaarder wegen dan de belangen van de IGJ en de minister die pleiten tegen het treffen van een voorlopige voorziening. Een inhoudelijk oordeel over de bestreden besluiten laat de voorzieningenrechter over aan de meervoudige kamer van deze rechtbank, die de beroepen op 22 juli 2025 op zitting zal behandelen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken