Rb. Amsterdam 17 april 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:2531
Onderzoek Harpij. De rechtbank spreekt verdachte vrij van invoer van teakhout uit Myanmar in strijd met de Europese Houtverordening (EUTR) door niet te voldoen aan de zorgvuldigheidsvereisten uit die verordening. Verdachte kan niet worden aangemerkt als marktdeelnemer in de zin van de Houtverordening. Hierbij is aangesloten bij wat met betrekking tot de definitie van marktdeelnemer is opgenomen in de Richtsnoeren voor de EU-Houtverordening. Dat bij de import via Italië en Kroatië sprake zou zijn van een schijnconstructie is onvoldoende komen vast te staan. Evenmin is sprake van medeplegen met de importeurs/marktdeelnemers uit Italië en Kroatië. De rechtbank heeft niet kunnen vaststellen dat de importeurs niet hebben voldaan aan de zorgvuldigheidseisen van de Houtverordening.
De uitspraak op rechtspraak.nl