Rb. Amsterdam 26 maart 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:2261
De rechtbank is van oordeel dat de vrijheidsbeneming op grond van artikel 34, eerste lid, aanhef en onder b, OLW met 30 dagen moet worden verlengd, nu de officier van justitie van oordeel is dat de humanitaire reden nog steeds bestaan en de officier van justitie niet de in artikel 35, derde lid, vierde volzin, OLW bedoelde vordering heeft gedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl