Rb. Amsterdam 25 februari 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:1392

STUFI. Prestatiebeurs. Er is sprak van een onbilijkheid van overwegende aard. Eiser heeft met het behalen van zijn diploma in 2011 aan het vereiste voor omzetting uit artikel 5.7, tweede lid WSF 2000 voldaan. Daarnaast heeft hij een aanvraag tot omzetting gedaan. Het toesturen van een gewaarmerkte kopie van zijn diploma is, kijkend naar artikel 5.9, tweede lid, WSF 2000 een aanvullende voorwaarde voor omzetting in een gift, geen hoofdvoorwaarde. Tevens is er sprake van een minimale overschrijving van de termijn (namelijk 6 maanden) en eiser is niet gewezen op het naderende afloop van de termijn. De omstandigheden door de pandemie uitzondelijk te noemen. Beroep op de hardheidsclausule (artikel 11.5 WSF 2000) slaagt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen