Rb. Amsterdam 12 december 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:10332

Handel in cocaïne en gewoontewitwassen (art. 2, 10a Opiumwet en 420ter Sr). Deze zaak is een van de vele zaken die is voortgevloeid uit opsporingsonderzoek ‘Werl’ naar SkyECC, een bedrijf dat een versleuteldeberichtendienst aanbood, en het onderzoek ‘Argus’ dat zich op de gebruikers van de encryptiesoftware van SkyECC richtte. Op basis van de inhoud van de berichten die door de gebruiker van het SKYECC-account CROFM7 zijn verstuurd en ontvangen, is de verdenking ontstaan dat deze gebruiker zich samen met anderen heeft beziggehouden met handel in cocaïne, het verrichten van voorbereidingshandelingen voor de handel in cocaïne en het witwassen van geldbedragen. Er is bij de verdachte thuis 8 kilo cocaïne aangetroffen. De verdachte heeft bekend dat hij de gebruiker is geweest van het SkyECC-account CROFM7. Hij heeft verklaard dat hij berichten heeft verstuurd die gingen over de handel in cocaïne. Naar eigen zeggen was hij een tussenpersoon tussen aanbieders en kopers van cocaïne en verdiende hij daar geld mee. De rechtbank acht bewezen dat de verdachte zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan het handelen en voorhanden hebben van in totaal 39 blokken/kilo cocaïne, het verrichten van voorbereidingshandelingen voor de handel in cocaïne en geldbedragen heeft witgewassen. De (voor de verdachte) belangrijkste vraag is welke straf de verdachte krijgt opgelegd. De officier van justitie heeft een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 48 maanden (4 jaar) met aftrek van voorarrest gevorderd. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek van voorarrest waarvan 24 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Zij legt de verdachte daarnaast een taakstraf van 480 uur op. Als de verdachte die straf niet goed uitvoert, moet hij 8 maanden vervangende hechtenis ondergaan. Naast het tijdsverloop en de overschrijding van de redelijke termijn, heeft de rechtbank hierbij de persoon van de verdachte, zijn persoonlijke omstandigheden en de positieve ontwikkeling die de verdachte heeft laten zien sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis zwaar laten meewegen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken