Rb. Amsterdam 1 mei 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:2292
Tussenvonnis in mededingingszaak. Misbruik van machtspositie door Google bij beoordeling van eigen vergelijkingsdienst (Google Shopping). De rechtbank oordeelt dat de cessieovereenkomsten waarin de benadeelden hun vorderingen aan Wolfson (eiser) hebben overgedragen geldig zijn. Het beroep op verjaring door Google wordt afgewezen, in lijn met het arrest Heureka Group/Google en het arrest Cogeco. De verjaring kan namelijk niet ingaan, voordat de Europese Commissie haar besluit publiceert en voor het moment dat de inbreuk is beëindigd. De dagvaarding is uitgebracht binnen vijf jaar na het besluit van de Europese Commissie en daarom kan de vordering niet verjaard zijn. Verder oordeelt de rechtbank dat Google Netherlands deel uitmaakt van de inbreukmakende onderneming. Zij was niet betrokken bij de inbreuk, maar zij heeft ondersteunende diensenten verleend voor de verkoop van de advertenties (het voorwerp van de inbreuk).
De uitspraak op rechtspraak.nl