Rb. Amsterdam 22 juli 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:3855

Het OM heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot betaling van een boete van € 95 omdat hij in juni 2020 geen mondkapje heeft gedragen in het openbaar vervoer. De kantonrechter stelt vast dat de verdachte in juni 2020 gebruik heeft gemaakt van het openbaar vervoer zonder een mondkapje te dragen. Vraag is of daarmee door verdachte de orde, rust, veiligheid of de goede bedrijfsgang werd verstoord of kon worden verstoord, en dus artikel 72 Wet personenvervoer 2000 is overtreden. Op grond van de Noodverordening hebben de vervoerders maatregelen moeten treffen die ervoor moeten zorgen dat reizigers in het openbaar vervoer vanaf 1 juni 2020 een mondkapje dragen. De vervoerder heeft de mondkapjeplicht o.a. kenbaar gemaakt via stickers en berichten die werden omgeroepen in het Nederlands en Engels. Wat wordt verstaan onder “verstoring van de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang” is nader uitgewerkt in artikel 52 Besluit personenvervoer 2000, waarin staat het “op een andere wijze hinder, gevaar, verontreiniging of beschadiging veroorzaken of kunnen veroorzaken”. Onder de toenmalige omstandigheden kan het niet dragen van een mondkapje in het openbaar vervoer in juni 2020 worden aangemerkt als gedrag dat hinder kan veroorzaken. Of daardoor daadwerkelijk hinder is veroorzaakt, is niet van belang. Bij de beoordeling van de vraag wanneer moet worden gehandhaafd, heeft de verbalisant een ruime discretionaire bevoegdheid. Maar daarbij moet wel worden gehandeld overeenkomstig de geldende richtlijnen. De richtlijnen liggen vast in het Protocol en de Handreiking en hebben de status van extern beleid. Uit dit beleid volgt dat het uitgangspunt bij de handhaving is dat verbalisanten toezicht houden, en niet actief overtredingen van mondkapjeplicht beboeten. Op de website van de Rijksoverheid staat bovendien onder het kopje ‘Boetes en handhaving coronamaatregelen’: “Boete van € 95 - Krijgt u een waarschuwing van de politie of een BOA? En past u uw gedrag niet aan? Dan kunt u een boete krijgen van € 95.” Hierdoor kan het vertrouwen zijn gewekt dat pas een boete kan worden opgelegd als geen mondkapje is opgezet nadat een waarschuwing is gegeven. Er geldt dus een waarschuwingsplicht voor de verbalisant. De BOA heeft de verdachte niet gewaarschuwd en direct besloten om een boete op te leggen. Deze handelwijze is in strijd met het handhavingskader. Nu geen boete zou zijn opgelegd als was gehandeld in overeenstemming met de richtlijnen, legt de kantonrechter geen straf op.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen