Rb. Amsterdam 22 juni 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:3250

Eiser betoogt dat verweerder tekort is geschoten in zijn voorlichtende taak. Het had op de weg van verweerder gelegen om de informatie omtrent de toevoeging aan eiser direct te verschaffen en niet aan zijn advocaat. Ten onrechte stelt de Commissie dat de bekendmaking van de toevoeging, zoals in het geval van eiser is gebeurd, aan verhaal van de kosten van de rechtsbijstand in de weg staat. De advocaat en eiser hebben een overeenkomst van opdracht. De advocaat is voor de aanvaarding van de opdracht verplicht met eiser te overleggen of er termijnen zijn om gefinancierde rechtsbijstand te verkrijgen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de kosten van de rechtsbijstand niet in redelijkheid kunnen terugvorderen van eiser. De rechtbank acht voor dit oordeel van belang dat verweerder, zoals ook door de Commissie is betrokken bij het advies, geen goede reden had om de toevoeging niet ook aan eiser zelf te zenden. Met een toevoeging kent verweerder de betreffende procespartij al dan niet gefinancierde rechtsbijstand toe. Juist bij een dergelijk besluit, dat eiser direct zelf aangaat, ligt het op de weg van verweerder om die mede aan eiser te doen toekomen. Temeer nu verweerder beschikte over eisers woonadres.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen