Rb. Amsterdam 8 juni 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:3196
Verweerder heeft niet aan zijn vergewisplicht voldaan in het kader van de paspoortsignalering van 25 mei 2016 en de verlenging daarvan op 25 mei 2018. Verweerder moet zich volgens artikel 44, tweede lid, van de Paspoortwet terstond overtuigen of de gronden tot vervallenverklaring ten aanzien van eiser nog bestaan. Uit het bestreden besluit volgt dat verweerder zich, ten aanzien van de eerste paspoortsignalering, enkel heeft gebaseerd op het ambtsbericht van de AIVD. De rechtbank is van oordeel dat met kennisname van het strafvonnis en de daarin opgenomen bewijsmiddelen verweerder zich eveneens niet heeft vergewist van de feitelijke grondslag van de paspoortsignalering op 25 mei 2016. Ook ten aanzien van de verlenging van de paspoortsignalering op 25 mei 2018 heeft verweerder niet voldaan aan zijn vergewisplicht. Verweerder heeft immers enkel aan de NCTV gevraagd of de gronden die tot de paspoortsignalering hebben geleid nog actueel zijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl