Rb. Amsterdam 5 februari 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:555

Steinhoff N.V. is een aan de beurs van Frankfurt en Johannesburg genoteerde vennootschap. In beide zaken gaat het om de aansprakelijkheid van Steinhoff N.V. en haar bestuurders jegens de aandeelhouders voor het verstrekken van onjuiste financiële informatie. De rechtbank houdt met betrekking tot Steinhoff N.V. de behandeling van de zaak aan, omdat al eerder in Duitsland een procedure is begonnen over hetzelfde onderwerp, de zogenaamde KapMug- procedure. Of ook de in Zuid Afrika gestarte class action procedure reden zou kunnen zijn om de Nederlandse procedure aan te houden behoeft daarom nog niet te worden beslist. Met betrekking tot de aansprakelijkheid van de bestuurders en commissarissen kan de rechtbank alleen bevoegd zijn als wordt aangenomen dat de gevolgen van de hen verweten onrechtmatige daden in Nederland zijn ingetreden. Over de vraag op welke plaats beleggers in zaken als deze schade lijden bestaat nog onduidelijkheid. De Hoge Raad heeft daarover in de zaak van de VEB tegen BP vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. De rechtbank houdt nu de zaken tegen de bestuurders van Steinhoff N.V. aan in afwachting van de uitspraak van het Europese Hof.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken