Rb. Amsterdam 9 juli 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:3345

De rechtbank heeft op 9 juli 2020 twee vrouwen, moeder en dochter veroordeeld voor een periode van ruim twee jaar, samen met een ander, als bedrijfs¬matig houdster van honden deze honden de nodige verzorging onthouden. Daarnaast hebben zij en haar moeder de honden niet geregistreerd in een databank en heeft verdachte meerdere dierenpaspoorten en laboratoriumrapporten vervalst. Hierdoor leek het alsof de honden waren ingeënt en getest op besmettelijke dierziekten. Tijdens de controles van de NVWA is verdachte er verschillende malen op gewezen dat zij de honden voldoende bewegingsruimte en veterinaire zorg diende te verschaffen, haar vakdiploma moest halen en aan de administratieve verplichtingen moest voldoen. Keer op keer bleek de situatie echter niet gewijzigd en verslechterde deze zelfs, aldus de dierenarts van de NVWA. Bij de NVWA bestond de indruk dat verdachten deze aanwijzingen maar onzin vonden. De honden hadden geen droge en schone ligplaats. Ze moesten in hun eigen urine en ontlasting staan en liggen en in de ruimtes waarin de honden werden gehouden hing een indringende ammoniaklucht. Verdachte en haar moeder hielden veel meer honden dan de bedrijfsruimte toeliet, de honden verbleven in te kleine hokken en hadden te weinig bewegings- en uitlaatmogelijkheden. Veel honden waren sterk verma¬gerd en hun gebit, vacht, oren, nagels en ogen waren vervuild en in slechte toestand. De rechtbank maakt zich ook zorgen maakt over de bereidheid van verdachte zich aan de regels te houden die gelden voor het houden en fokken van dieren, mocht zij daar op enig moment weer toe overgaan. De rechtbank heeft de vrouw naast een geldboete en een beroepsverbod een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen