Rb. Amsterdam 20 februari 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:1519
De rechtbank stelt vast - in navolging van hetgeen daaromtrent in de zaak ZB is overwogen - dat Belgische officieren van justitie voldoen aan de uit de punten 51 en 74 van het arrest OG en PI voortvloeiende vereisten om te worden aangemerkt als „uitvaardigende rechterlijke autoriteit”, aangezien zij deelnemen aan de strafrechtsbedeling in die lidstaat en zij in de uitoefening van de met de uitvaardiging van een Europees aanhoudingsbevel inherent verbonden taken onafhankelijk optreden. Nu sprake is van een EAB ter uitvoering van een reeds opgelegde straf, is op basis van dit voor tenuitvoerlegging vatbare vonnis ook voldaan aan de effectieve rechterlijke bescherming zoals bedoeld in punt 75 van het arrest OG en PI.
De uitspraak op rechtspraak.nl