Rb. Amsterdam 4 oktober 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:9649

Aanvullende bijstandsuitkering staat niet in de weg aan IOAZ-uitkering Eiser is sinds 2011 zelfstandig kleermaker. Daarvoor werkte hij in loondienst. Eiser heeft in de periode van 2007 tot en met 2010 een aanvullende bijstandsuitkering ontvangen. Verweerder heeft eisers aanvraag om een IOAZ-uitkering afgewezen, omdat hij in de periode van 2007 tot en met 2010 naast inkomen uit loondienst een aanvullende bijstandsuitkering heeft ontvangen. De rechtbank is van oordeel dat verweerder geen juiste uitleg heeft gegeven aan artikel 5, tweede lid, aanhef en onder 1, van de IOAZ. In de IOAZ noch in de Memorie van Toelichting daarbij staat dat een gedeeltelijke afhankelijkheid van een uitkering uit hoofde van de Participatiewet in de tien jaar voorafgaand aan de aanvraag, een IOAZ-uitkering in de weg staat.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen